Nieuwe wetgeving versterkt positie OR bij beloning topbestuurders

Publicatiedatum: 14/04/2020
Tags: Cao & arbeidsvoorwaarden - Wetgeving - Medezeggenschap
Auteur: Evert Smit

Per 1 december 2019 is er nieuwe wetgeving van kracht die bepaalde eisen stelt aan het beloningsbeleid van de bestuurders en commissarissen van beursgenoteerde ondernemingen. Het gaat om de implementatie van de EU richtlijn 2017/828, ter bevordering van de lange termijn betrokkenheid van aandeelhouders. De bedoeling is vooral om de aandeelhouders meer invloed te geven op het beloningsbeleid, meer nadruk te leggen op de langetermijnstrategie bij de beloning en om open einde beloningscomponenten weg te nemen. Achtergrond van de wetgeving is geweest dat er toenemende maatschappelijke onvrede is over het ‘graaien’ van de topmanagers en over het groeiende verschil tussen beloningen van de top en van de gewone werknemers.

Daarnaast is de positie van de OR versterkt. De belangrijkste punten:

  • De Raad van Commissarissen (RvC) formuleert een voorstel aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AVA) voor het bezoldigingsbeleid voor de bestuurders en de commissarissen. Goedkeuring hiervan vereist minstens 75% van de stemmen op de AVA (was 50% + 1). Het bezoldigingsbeleid wordt ten minste iedere vier jaar door de AVA vastgesteld.
  • De OR krijgt adviesrecht over het voorstel van het bezoldigingsbeleid. Indien het advies niet of niet geheel door de RvC wordt gevolgd, wordt tevens een schriftelijke onderbouwing voor het afwijken van het advies aangeboden aan de AVA.
  • De commissarissen die op voordracht van de OR in de RvC zijn benoemd maken automatisch deel uit van de remuneratiecommissie (dit is de commissie die zich met het beloningsbeleid bezig houdt) van de RvC.
  • De remuneratiecommissie van de RvC stelt jaarlijkse een remuneratierapport op, dat verplicht in de AVA wordt besproken. Hierin moet aandacht besteed worden aan relatie met missie en strategie van de onderneming, interne salarisverhoudingen tussen de lonen van gewone werknemers en beloning en bonussen van de bestuurders en het maatschappelijk draagvlak van het beloningsbeleid.

Formulering van het OR-advies

Het formuleren van een advies over de beloning van topbestuurders (CEO en CFO) en commissarissen is dus een nieuwe taak voor (centrale) ondernemingsraden van beursgenoteerde ondernemingen. Deze is bovendien actueel: de meeste bedrijven houden in het voorjaar hun algemene aandeelhoudersvergadering. De huidige coronacrisis, waarbij bedrijven massaal een beroep doen op overheidssteun, geeft des te meer aanleiding tegengas te geven tegen de hoge beloningen van de managers. Wat komt daar bij kijken:

Visieontwikkeling

Om te beginnen zal de OR een visie moeten ontwikkelen op het beloningsbeleid. Vanuit het gezichtspunt van de OR dient het beloningsbeleid uiteraard in dienst te staan van een goed functionerende Raad van Bestuur, maar die dient ook oog te hebben voor de belangen van de verschillende belanghebbenden (stakeholders). Tot de stakeholders behoren de aandeelhouders en klanten, maar (voor de OR van belang) uiteraard ook de medewerkers. Voor medewerkers staat niet winstmaximalisatie centraal. Zij hebben vooral belang bij de continuïteit van de onderneming op lange termijn en bij een sociaal ondernemingsbeleid.

Formuleren van uitgangspunten voor het beloningsbeleid

Op basis van de  geformuleerde visie zal de OR uitgangspunten moeten gaan formuleren voor het beloningsbeleid. Onderdelen hiervan kunnen zijn:

  • De hoogte van het basissalaris van bestuurders,
  • De rol en betekenis van benchmarking met beloning bij vergelijkbare bedrijven (‘peergroup’) bij de bepaling van het basissalaris,
  • Het verschil in beloning tussen de bestuurders en de gewone medewerkers van de onderneming, vaak uitgedrukt in de pay ratio,
  • De toepassing en hoogte van variabele beloning (bonussen), de verhouding tot het basissalaris (bij staatsdeelnemingen is dit bepaald op maximaal 20%), financiële en niet-financiële doelstellingen, mogelijkheid van terugvordering bij onterechte uitkering (claw back), de verhouding tussen korte termijn bonussen (Short Term Incentives – STI) en lange termijn bonussen (Long Term Incentives – LTI), waarbij eerst genoemde risico’s bevat op perverse prikkels,
  • Maximering van de ontslagvergoeding,
  • Geen ontslagvergoeding (‘termination fee’) bij ontslag op eigen verzoek,
  • Hoogte en vorm van de beloning van commissarissen (alleen vast!).

Analyse van de actuele bezoldiging en het voorstel van de remuneratiecommissie

Beursgenoteerde ondernemingen moeten openheid van zaken geven, zodat de actuele bezoldiging van de bestuurders (CEO, CFO en eventueel andere leden van de Raad van Bestuur) over de afgelopen jaren geanalyseerd kan worden. Daarnaast is de remuneratiecommissie van de RvC dus verplicht een remuneratierapport op te stellen en een voorstel voor beleid te doen voor de komende vier jaar. Vaak heeft deze commissie ook zelf onderzoek laten doen en advies ingewonnen bij externe bureaus. Vanzelfsprekend is het nuttig om deze commissie een toelichting te laten geven op hun rapport en beleidsvoornemens en om eventuele benchmarkrapporten van adviesbureaus op te vragen. Deze informatie kan tegen de eigen visie en uitgangspunten afgezet worden en kan leiden tot een advies van de OR. De materie ligt uiteraard allemaal zeer gevoelig. Bespreking van een conceptadvies met een vertegenwoordiging van de remuneratiecommissie is daarom verstandig. Tegelijkertijd dient de OR uiteraard een rechte rug te houden en niet te buigen voor de druk, die ongetwijfeld zal worden uitgeoefend als het advies afwijkt van de voorstellen van de RvC.

Ondersteuning van Basis & Beleid

Het advies aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders over de beloning van de bestuurders is een nieuwe en niet zo makkelijke taak. Ondersteuning door een externe deskundige is dan ook verstandig. Basis & Beleid heeft hierin ervaring opgedaan en kan u terzijde staan. 

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met een van onze adviseurs.

Actuele berichten